Het aantal werknemers met burn-outklachten lag vorig jaar rond de 1,3 miljoen, oftewel 17 procent van de beroepsbevolking. Dat is ongeveer gelijk aan het jaar ervoor, zo blijkt uit een onderzoek van TNO en het CBS, dat is gepubliceerd bij de start van de ‘Week van de Werkstress’.

Hoewel het aantal mensen met burn-outklachten dus niet is gestegen, zijn de kosten voor werkgevers dat wel. In 2018, het meest recente jaar waarover de kosten zijn berekend, liepen die op tot 3,1 miljard euro. Dat komt vooral doordat mensen met werkstress langer zijn gaan verzuimen. Per persoon stegen de kosten van 8100 euro in 2017 tot 9100 euro in 2018.

Werkstress is nog altijd één van de belangrijkste redenen voor verzuim. 37 procent van de werknemers meldde zich vorig jaar ziek, omdat ze last er last van hadden. De meest getroffen maatregel die werkgevers nemen om werkstress tegen te gaan, is hun personeel meer autonomie geven om het werk zelf in te richten. 44 procent van de werknemers vindt dat niet genoeg en wil dat er aanvullende maatregelen komen.

Corona
De sectoren waar werknemers het vaakst kampen met burn-outklachten zijn net als in 2018 het onderwijs (22 %), de ICT (21 %) en de zorg (19 %). Ook dit jaar zijn dit de meest kwetsbare sectoren, blijkt uit een aanvullende meting in juni 2020.

Daaruit blijkt ook dat het aantal mensen met burn-outklachten niet is gestegen na de eerste coronagolf. Wel vindt 12 procent van de thuiswerkers het moeilijk om zich te concentreren. Voor 8 procent van de werknemers is dit een reden om te verzuimen. Maar liefst 87 procent van de werknemers geeft aan tijdens de crisis veel steun te krijgen van hun leidinggevende.

Terug naar home Thuiswerken is topsport